Stedentrips 1              net/05a_gif_234x60_nl.gif

Home
     


Desiderius ErasmusEmail deze pagina naar vriendenPrinter-vriendelijk formaatBookmark deze paginaWinkel voor artikelen gerelateerd aan Desiderius ErasmusVergroot de tekstgrootteVerklein de tekstgrootte

Desiderius Erasmus (Rotterdam of Gouda, 26/27 oktober 1466 (?) - Bazel, 12 juli 1536) was een Nederlands Augustijner monnik, humanist, schrijver en filosoof.

Geboorte

Erasmus werd geboren als 'Gerrit Gerritszoon' op de vroege ochtend van 28 oktober waarschijnlijk in het jaar 1466 of 1469. Over de geboorteplaats van Erasmus bestaat onzekerheid. Er bestaat geen geboorteakte.

Erasmus was een onwettig kind, in die tijd spreekt men van defectus natalis (geboortedefect). Zijn vader was pastoor in Gouda, zijn moeder was de huishoudster van de pastoor. De moeder van Erasmus, Margaretha, die als familienaam Rogerius (Rutgers) zou hebben gehad, was een dochter van een chirurg uit Zevenbergen. Haar zwangerschap heeft zij waarschijnlijk in Rotterdam doorgebracht om het 'ongelukje' te verbergen. Echter andere bronnen (een notitie van de historicur Renier Snooy (1478-1537) zouden erop wijzen dat Erasmus in Gouda is geboren. Een jaar voor de geboorte van Erasmus' hadden zijn vader en moeder ook al samen een kind gekregen, Pieter.

Erasmus heeft vier jaar in Rotterdam gewoond en is vervolgens vertrokken naar Gouda. Op een bekend houten borstbeeld staat 'Goudæ conceptus, Roterodami natus' (te Gouda verwekt; te Rotterdam geboren).

Zijn leven lang heeft Erasmus het idee over zijn onwettige geboorte moeten torsen en de gevolgen moeten dragen van de 'geestelijke' status waarin hij door zijn opvoeding was terechtgekomen. In 1506 wijzigde hij zijn naam in Desiderius Erasmus. Desiderius betekent de gewenste. Hij ging daarbij uit van de - verkeerde - veronderstelling dat de stam Geer- in Geert/Gerrit iets met begeren te maken had en vertaalde het begeren in het Latijn en het Grieks.

Pas rond zijn vijftigste (1517) wordt hij dankzij pauselijke dispensatie van de ernstige maatschappelijke consequenties ervan verlost. Hij heeft nogal met zijn levensverhaal gehaspeld, waarbij hij in zijn correspondentie met de paus gebruik heeft gemaakt van een achternaam die wellicht van zijn moederszijde stamt. Al doende heeft hij zijn jeugdjaren gemystificeerd en zijn geboortejaar met onzekerheden omhuld.

Levensloop

Onder pressie van zijn voogden deed Erasmus in 1487 zijn intrede in het Klooster te Stein bij Gouda. Hier schreef hij zijn declamatio (fictieve oefenrede) en De contemptu mundi, een oprecht pleidooi voor het kloosterleven. Zijn kritiek betrof niet zozeer het ideaal maar meer hun pietluttige regeltjes en de beknotting van de menselijke vrijheid. Een tweede, later uitgegeven jeugdwerk verraadde zijn grote kennis van de antieke en humanistische literatuur. Het thema is de verhouding tussen profane literatuur en christelijke vroomheid en kreeg de titel Liber Antibarbarorum (Antibarbari).

De priesterwijding van Erasmus in 1492 bond hem meer aan het kloosterleven maar bood tevens meer mogelijkheden tot studie. Hij mocht in 1495 in Parijs een theologiestudie beginnen. Het onderwijs werd beheerst door de Scotisten, scholastieke theologen die verloren gingen in eindeloze spitsvondigheden hetgeen volgens Erasmus weinig meer met de christelijke basisgeschriften gemeen had. Wel leerde hij de nestor der Parijse humanisten, Robert Gaguin, kennen. Doordat hij ook les gaf leerde hij veel mensen kennen. Zo kwam hij in Engeland, waar hij een half jaar verbleef, in aanraking met het zoontje van de Engelse koning, de latere Hendrik VIII en met belangrijke humanisten als John Colet en Thomas More (auteur van 'Utopia'). Terug in Parijs schreef hij in 1500 zijn eerste boek, een verzameling Adagia, spreekwoorden. De eerste bestseller in de jonge geschiedenis van de boekdrukkunst na een grote tegenvaller: hij zat wanhopig verlegen om geld nadat engelse douanebeambten al het Engelse geld in zijn bagage in beslag hadden genomen.

In 1502 kreeg hij op voorspraak van de theoloog Adriaan Boeyens, de latere paus Adrianus VI, een post aangeboden op de universiteit van Leuven die hij echter niet aanvaardde. Hij legde zich toe op vertalingen uit het Grieks.

In 1506 ging Erasmus voor drie jaar naar Italië. Op de terugweg (richting Engeland) schreef hij Lof der Zotheid. Door uit te gaan van een Zot als spreker kon hij in een declamatio de spot drijven met de misplaatste ernst, waarmee alle mensen, ongeacht beroep, stand, of positie, hun eigen belangen najoegen, en de groteske kortzichtigheid, waarmee zij klaar stonden met hun oordeel over elkaar.

De kopij van de Adagia-herdruk kwam per abuis bij de Bazelse drukker Froben terecht. Erasmus vond dit zo keurig dat hij naar Bazel reisde en daar ook zijn twee grote filologische werken, de tweetalige uitgave van het Nieuwe Testament en de uitgave van de Brieven van de kerkvader Hieronymus schreef (vertaalde) en uitgaf. Bij zijn terugkeer wordt hij tot raadsheer benoemd van Karel V en vestigt hij zich in de Nederlanden (1516-1521) waar hij in Antwerpen, Brugge, Leuven en Mechelen verblijft. In 1521 verbleef hij ook enige tijd in Anderlecht, waar hij de gast was van zijn vriend Pieter Wyckman. De laatste jaren van zijn leven verbleef hij te Bazel in Zwitserland, waar hij op 70-jarige leeftijd (1536) stilaan de dood tegemoet keek..

Erasmus overleed op 12 juli 1536 in Bazel. Zijn graf is daar te vinden in de domkerk (Münster). Zijn laatste woorden waren volgens de overlevering: 'Lieve God'.

Vertaling Nieuwe Testament

Erasmus sprak en schreef Latijn. Hij was een bijzonder geleerd man die in geheel Europa als een van de grote denkers van zijn tijd erkend werd. Hij kende Grieks en staat daarmee aan het begin van de Gymnasium-traditie. Door zijn kennis van het Grieks raakte hij ervan overtuigd dat bepaalde delen van de Bijbel in de Latijnse Vulgaat niet goed vertaald waren. Hij besloot om het Griekse Nieuwe Testament in druk te doen uitgeven, ook al vroegen vrienden zoals Van Dorp dat vooral niet te doen omdat dat een bom legde onder het toch al krakende gebouw van de kerk van die dagen. Voor de totstandkoming van dit Griekse Nieuwe Testament kon Erasmus beschikken over een zestal Griekse handschriften. Hij vertaalde deze handschriften opnieuw naar het Latijn om daarmee het verschil met de Vulgaat te laten zien. Later heeft de Leidse drukkersfamilie Elsevier de Griekse tekst van Erasmus gebruikt en gepubliceerd onder de naam Textus receptus. Erasmus legde met zijn Griekse uitgave van het Nieuwe Testament de grondslag van de Hervorming van Luther en dat werd hem ook door de Katholieke kerk verweten. Op het verwijt dat hij het ei van de ketterij had gelegd, antwoordde hij echter dat hij liever iets anders had uitgebroed: hij vond de versplintering van de kerk maar niets.

Erasmus en de Hervorming van Luther

In 1517 zette Luther met zijn stellingen op de kerkdeur van Wittenberg een proces in gang, dat de vrede onherstelbaar verstoorde. De bestrijders van de hervorming verweten Erasmus dat hij voor Luther de weg had geplaveid.

Alhoewel Erasmus in principe sympathiek stond tegenover Luthers actie, had hij als vredelievende en relativerende humanist van het begin af aan bezwaren tegen diens provocerend optreden. Zeker toen duidelijk werd dat in Luthers visie geen ruimte was voor menselijke vrijheden maar dat het leven volledig in het teken van het geloof moest staan, was de verwijdering een feit. Ondanks zijn herhaaldelijke uitspraken en zijn boek De libero arbitrio diatribe sive collatio (Collatie over de vrije wil) bleef de kritiek op Erasmus vanuit de Rome-getrouwen bestaan.

Keer op keer pleitte hij voor tolerantie tussen de diverse opvattingen. Het mocht echter niet baten, verkettering, vrijheidsbeperking en de brandstapel waren een feit. Wel legde zijn pleidooien de basis voor de tolerantiegedachte van latere 16de-eeuwers als Coornhert en Willem van Oranje.

Erasmus' werken

In 1523 maakte Erasmus een catalogus van al zijn tot dan toe verschenen werken. Hij maakte een drie-indeling:

  1. Colloquia (grammaticale geschriften), Adagia (spreekwoorden) en Brieven die dienen als literaire, in de brede zin van culturele, vorming
  2. de ethische vorming (o.a. de Moria)
  3. de godsdienstige vorming (o.a. het Enchiridion)

Erasmus is vooral bekend van de Lof der Zotheid en de Enchiridion waarin hij zijn ideeën over wat christendom werkelijk zou moeten betekenen voor de mens uiteenzet. De Lof der Zotheid is een satire op allerlei misstanden van zijn tijd, waarin hij de allegorische Zotheid allerlei dingen laat zeggen, die hij zelf -van de kerk- eigenlijk niet mocht zeggen. Maar ja, zijn zotheid kon alleen verweten worden dat zij zot was, nietwaar?

Hij heeft ook vele opvoedkundige en onderwijsgeschriften op zijn naam staan. Een invloedrijk werk is De ratione studii uit 1511, over het inrichten van de studie en het lezen en verklaren van auteurs. In De pueris beschrijft Erasmus het onderwijs dat beperkt blijft tot het aanleren der antieke talen en het lezen en interpreteren van de klassieke auteurs.

Het meest populaire opvoedkundig werkje is De civilitate morum puerilium 1530 ofwel in het Nederlands Goede manierlijcke seden, Hoe die Jonghere gaen, staen, eten, drincken, spreken, swijghen, ter tafelen dienen, ende die spijse ontghinnen sullen.

In een ander werk heeft Erasmus een reconstructie gegeven van de uitspraak van het Grieks en het Latijn in de oudheid. In zijn tijd was men gewend het oud-Grieks uit te spreken met de uitspraak van de toen in Griekenland gesproken taal (itacisme), terwijl men het Latijn min of meer op zijn Italiaans uitsprak. Door de bestudering van leenwoorden van Grieks naar Latijn en van Latijn naar Grieks kwam Erasmus tot de conclusie dat dat onjuist was. Erasmus maakte een reconstructie, die weliswaar niet volmaakt was, maar veel beter dan de tot op dat moment gangbare uitspraak van de beide oude talen.

Erasmus als naamgever

Erasmus is onder meer de naamgever van de Erasmus Universiteit Rotterdam, het Erasmus MC, het Erasmiaans Gymnasium, de Erasmusbrug ('De Zwaan') en de Erasmuslijn (metrolijn) in Rotterdam, de Erasmushogeschool Brussel, het Hôpital Erasme (academisch ziekenhuis ULB) in Brussel en het Erasmushuis (museum in Anderlecht) en sedert het herdenkingsjaar 1986 ook naam van het faculteitsgebouw Letteren aan de K.U.Leuven.
Ook het universitair ERASMUS-uitwisselingsprogramma van de EU, eigenlijk een acroniem, ontleende haar naam aan deze wetenschapper.

In 2005 is Erasmus door lezers van het dagblad Rijn en Gouwe uitgeroepen tot Grootste Gouwenaar.

Externe link


Pagina geladen in 0.041 seconden.

Terug naar boven | Sitemap bekijken | Hulp



Arts & Crafts | Australia Travel | Autos | Books | Business | Career & Jobs | Cars | Computer/Tech | Education | Entertainment | Family & Relationships | Finance | Food | Health | Home & Garden | Hotel Bookings | India | Internet | Law | Malaysia | Medical | Money | Pets | Real Estate | Self Help | Sports | Travel | Women