Digitale animatie






Digitale animatie is een vorm van
digitale beeldtechniek die in de huidige
filmwereld wordt toegepast. Het staat ook bekend als
Computer Generated Images (CGI) of
computeranimatie.
Het proces
Ten eerste wordt er een beeldje gemaakt van klei. Er wordt met precisie en detail gewerkt. Dieren krijgen een ijzeren skelet, daarover spieren en vlees en dan een huid. Bij voertuigen let men op details als kleine spleten, richels of uitsteeksels. Met een 3D-scanner wordt het de computer ingescand. Dan heeft men een animatie waar men kleur, oppervlaktedetail en bewegingen aan kan toevoegen.
Dieren zijn het lastigst te maken. Ze moeten realistische spierbewegingen hebben, huid, haar, veren en gezichtsuitdrukkingen. Ook moeten ze goed lopen en rennen. Meestal maakt men 3 cycli: een loopcyclus, een rencyclus en een stille cyclus. De laatste is bedoeld voor de bewegingen van een dier dat niks doet. Door die te combineren zijn de beginstappen van het maken van een digitaal dier. Speciale acties moeten apart gemaakt worden, zoals vallen of springen.
Het dier moet een schaduw hebben, een spiegelbeeld hebben en van donkerheid veranderen als een lichtbron voor of achter het dier staat. Dat geldt ook voor andere animaties. Als digitale animaties in een echte opname gezet moeten worden, wordt het lastig. Door het schudden van de camera kan de animatie verschuiven, daarom worden er speciale oranje schijven opgehangen om de computer te laten zien hoe de animatie moet staan, zodat de computer de animatie op zijn plaats houdt. Ook moeten contacten met de omgeving gesimuleerd worden (bijv. plonzen, stofwolken en bewegende takken).
Een digitaal personage is nog lastiger. De gezichtsuitdrukkingen moeten nog beter uitgewerkt worden, de mond moet goed bewegen in relatie met stemgeluid, kleding moet realistisch bewegen en echte acteurs moeten er recht naar kijken (hiervoor gebruikt men stand-ins).
Een vorm van computeranimatie in tekenfilms is de tradigital (tradigitaal- traditie en digitaal), waar computerbeelden zo gemaakt worden dat ze op een animatiefilm (tekenfilm) lijken.
Geschiedenis
- De allereerste digitale animatie verscheen in de vorm van lichteffecten en lasers in Close Encounters of the Third Kind (1977), van Steven Spielberg en Star Wars Episode IV: A New Hope (1977), van George Lucas. In de latere twee Star Wars-films (1980 en 1983) zag men ook volledig digitale lichtzwaarden (in de vorige film waren het digitaal ingekleurde zwaarden met reflecterend materiaal).
- In Ghostbusters (1984), van Ivin Reitman, verscheen digitale bliksem.
- De eerste driedimensionale figuur verscheen in Young Sherlock Holmes (1985), van Barry Levinson.
- In Predator (1987) van John McTiernan verschijnen voor die tijd erg gecompliceerde computerbeelden.
- De watertentakel in The Abyss (1989), ook van James Cameron, was ook een computeranimatie; een van de beste uit die tijd.
- In Tremors (1990), van Ron Underwood, verschenen in enkele scénes even digitale tentakels of volledige wormen (in ongeveer drie korte shots). Dit was extra lastig door het heldere daglicht.
- In Predator 2 (1990) van Stephen Hopkins, verschijnen animaties die zelfs tien jaar later er nog goed uitzien.
- In Terminator 2 (1991) nam de vloeiare robot allerlei vormen en kleuren aan, en in Alien 3 (1992) van David Fincher verscheen het monster af en toe digitaal- beiden de meest ingewikkelde animaties in die tijd.
- Jurassic Park (1993) van Steven Spielberg was een mijlpaal: de kwaliteit van computeranimatie ging sterk omhoog, en deze techniek werd vanaf toen overal waar het nodig was aangepast.
- In Jumanji (1995) van Joe Johnston verschijnt voor het eerst digitaal haar, al moeten er nog verbeteringen komen.
- Toy Story (1995), van John Lasseter is de eerste volledig digitale film- een ware mijlpaal.
- In 1996 gaat Beast Wars, de eerste volledig digitale televisie-serie, van start.
- Draco uit Dragonheart (1996), van Rob Cohen, is het eerste computerpersonage in een live-actionfilm.
- Mighty Joe Young (1998), van Ron Underwood, perfectioneert de digitale vacht.
- Walking With Dinosaurs (1999) van Tim Haines en Jasper James introduceert digitale animatie bij televisie-documantaires.
- In Dinosaur (2000) worden de mogelijkheden van vacht nog verder uitgewerkt: wapperen, nat worden en bewegen als erdoor gewreven wordt.
- Final Fantasy: The Spirits Within (2001), van Hironobu Sakaguchi toont voor het eerst zeer realistische digitale mensen. Dat gebeurt ook in Shrek (2001), van Andrew Adamson en Victoria Jenson. Bij deze laatste wordt gezegd dat het betreffende personage expres iets minder realistisch werd gemaakt omdat men het anders zou gaan zien als het einde van de echte film.
- In 2002 verschijnen drie van de meest ingewikkelde digitale personages tot nu toe: Gollem uit The Lord Of The Rings 2: The Two Towers van Peter Jackson, Dobey uit Harry Potter and the Chamber of Secrets van Chris Columbus en Yoda uit Star Wars Episode II: Attack of the Clones van George Lucas. In de tweede film worden voor het eerst goede digitale veren getoond, aangezien men haar nu onder de knie heeft.
Nog steeds ontwikkelt men betere digitale animatie. Met het programma 3D Studio Max kan men het zelfs thuis leren.
Gevolgen in de filmwereld
Stop-motion is definitief voorbij en komt zelden voor, Chicken Run (2000), van Peter Lord en Nick Park is een uitzondering, en veel filmspelers vrezen dat ze hun baan zullen verliezen aan de digitale personages. Dat gebeurt nu al met stuntmensen.