Pentium (processor)






De
Pentium is een tegenwoordig verouderde
microprocessor van
Intel, gebruik makend van de
X86 instructieset. De introductie in
1993 was technisch een flinke stap voor
Intel; marketingtechnisch brak met de introductie van deze
processor een nieuw tijdperk aan. Logischerwijs zou de processor het nummer
80586 or
i586 gekregen hebben, maar de naam werd veranderd in Pentium (het Griekse voorvoegsel "pent-" betekent "vijf"), omdat getallen niet als merk geregistreerd konden worden.
Pentium procesor, 90 MHz
Foto: CPU-World
Net als bij de 80486 was er aan de instructieset van de processor nagenoeg niets veranderd. Het accent bij de Pentium lag op snelheid. De grote vernieuwing van de Pentium was dat hij superscalair was, wat betekent dat hij meerdere instructies tegelijk kan uitvoeren. Logica in de processor bepaalde of twee opeenvolgende instructies van elkaar afhingen, zo nee, dan werden ze naar de twee verschillende uitvoeringseenheden in de processor doorgestuurd, de zogeheten u- en v-pijplijn.
Deze aanpak leverde spectaculaire snelheidswinsten op. De Pentium had aanvankelijk echter veel problemen met de warmteafgifte en werd op de voor die tijd vrij lage snelheden van 60 en 66 MHz geleverd. Met de introductie van de Pentium verkocht Intel niet langer licenties aan haar concurrenten om de processor te mogen bouwen. Deze werkten dan ook nog met de 80486-processor. Doordat de Pentium achterbleef in de hoeveelheid megahertzen, en de concurrentie met succes de 80486 op steeds hogere kloksnelheden wist te krijgen, bleef de markt concurrerend. Andere bedrijven hadden de tijd om hun eigen ontwerpen te ontwikkelen.
De Pentium was op één onderdeel altijd wel veel sneller en dat was de snelheid van de FPU (die net als bij de 80486 ingebouwd was). Aanvankelijk leverde dit weinig voordeel op, omdat bijvoorbeeld veel computerspellen met gehele getallen werkten. De Pentium maakte het echter mogelijk met gebroken getallen te werken en daardoor de nauwkeurigheid van
3d-berekeningen op te schroeven. Na enige tijd kwam er software op de markt die de FPU van de processor volop gebruikte. Zo werd het gat tussen de 80486 en de Pentium steeds groter.
De nieuwe FPU zorgde echter ook voor een enorme domper op de feestvreugde. Op 30 oktober 1994 berichtte professor Thomas Nicely van het Lynchburg College dat er een bug zat in de FPU van de Pentium-processor. Bepaalde deeloperaties leverden een resultaat op dat zeer licht afweek van het goede antwoord. Op het Internet werd de bug rap door verschillende mensen bevestigd en werd hij de FDIV-bug genoemd. (FDIV is de x86-instructie voor een deeloperatie met gebroken getallen).
Intel ontkende aanvankelijk dat er een probleem was. Later veranderde men van standpunt; het probleem zou bijzonder klein zijn en maar op een klein aantal berekeningen optreden. Indien men kon bewijzen dat men er problemen mee had, kon de processor kosteloos omgewisseld worden. Het gevolg van deze vreemde PR-actie liet zich niet onbetuigd, en de FDIV-bug was opeens het gesprek van de dag in computerland. Intels concurrenten, met name IBM, lieten geen gelegenheid verloren gaan Intel zwart te maken. Als gevolg hiervan had Intel geen andere keus dan over te gaan tot de grootste terugroepactie in de geschiedenis van de computerindustrie.
De introductie van de Pentium ging samen met een enorme reclamecampagne. Als onderdeel hiervan (en omdat een nummer niet als merk viel te registreren) had de processor voor het eerst een naam in plaats van een nummer. Over het succes bestaat geen twijfel, want het merk Pentium kan zich het sterkste in de computerindustrie noemen.
Vanwege het succes van de marketingcampagne zouden alle volgende processoren van Intel de benaming Pentium meekrijgen, ook al waren het compleet andere processoren.